In het bekende sluimert het onbekende. In woord, in gebaar, in reactie. Het is een vreemd en ongrijpbaar iets. De partner waar ik zo vertrouwd mee was, waar ik mee verstrengeld was. Die ik zonder woorden kon begrijpen, die ik kon aanvoelen.
Soms kijk ik naar hem, zijn beweging, zijn manier van reageren en als ik dan het bekende beeld zou wegvegen dan zie ik een mij onbekende man. Dit is even heel erg uitvergroot natuurlijk maar ik heb het voor mijzelf nodig om een duidelijke beeldvorming te creëren. Het aller, aller ergste om toe te geven en om een weg in te vinden, is dat er momenten zijn dat ik me afsluit omdat ik deze onbekende man niet prettig vind. Als hij een onbekende man was geweest die mijn leven zomaar was binnengelopen dan dan had ik me omgedraaid en had hem op afstand gehouden. Omdat zijn manier van communiceren, zijn manier van reageren, onprettig voelt. Het is dus niet alleen het stukje onbekend terrein dat ik moet verkennen, het is ook navigeren tegen mijn gevoel in. Daar waar ik bij elk ander die zo met mij communiceert besloten zou hebben dat het me teveel negatieve energie kost en ik de betreffende persoon op afstand zou houden, is die optie er nu niet. Want die onbekende man is onderdeel geworden van de man waar ik zielsveel van houd. Het verdriet in mij om dit is immens groot. Ik zet het vaak weg omdat ik er zo weinig mee kan en soms is het verdriet zo sterk aanwezig dat ik het ruimte geven moet, omdat het deel van mij is. Dit verdriet mag er zijn, het zou niet eerlijk zijn dat ik wel mij uit over de strijd om een nieuwe weg te vinden maar mij niet uit over de emotionele impact die het heeft.
Verdrietig dus, diep en zwaar. Ik laat het toe, laat de tranen stromen. Ik zet de deur open voor al die emoties die ik tegenwoordig steeds vaker maar in de kast zet. Kom maar..kom er maar uit, ik zie jullie, ik voel jullie, ik ben jullie.
Jullie zijn deel van mij ook al is er steeds minder ruimte.
Ik zie mijn pijn, onmacht, mijn houden van. Ik zie de sub, haar verloren voelen, haar eenzaamheid en haar verdriet. Ik zie het meisje, haar pijn is zo hevig. Ik probeer haar te koesteren, ik probeer al die delen in mij te koesteren. Het is het enige dat ik kan doen, ruimte geven, emoties toestaan. Schrijven over en vanuit mijn gevoelens, zeker nu er in mijn relatie steeds minder dialoog is. Dat is geen verwijt naar hem, het is een constatering die mij in staat stelt andere wegen te zoeken die mij helpen om dicht bij mezelf te blijven.
Verdrietig drink ik mijn koffie op bed op, die zo liefdevol gebracht werd door de man waar ik van houd en met wie ik die verdriet niet kan delen.
Plaats reactie